kern Woudrichem

Kerkgebouw: H. Joannes Nepomucenus
Vissersdijk 15, 4285 AM Woudrichem
Postadres: Vissersdijk 15, 4285 AM Woudrichem
Telefoon: 0183-222 178 (wordt doorgeschakeld naar mobiel)

E-mail: woudrichem@sintelisabethparochie.nl
Geef voor je kerk. Parochiebijdragen IBAN-nummer NL86 RABO 0368 7056 92

Contactpastor: Pastor Kees Waas
tel: 0610695818
email: kwaas@sintelisabethparochie.nl


De kern Woudrichem

Woudrichem is ontstaan in de negende eeuw. Op een oeverwal ontstond een marktplaats. Rond het jaar 1000 verscheen, merendeels ten noorden van het riviertje de Alm een aantal nederzettingen die op Woudrichem waren gericht.
Woudrichem lag strategisch aan de samenvloeiing van Maas en Waal in de invloedssfeer van zowel het Hertogdom Brabant, Gelre en het Graafschap Holland

In de veertiende eeuw was de stad zo uitgegroeid, dat de Heer van Altena in 13 56 stadsrechten verleende aan Woudrichem. De graaf van Holland verplaatste in hetzelfde jaar de grafelijke riviertol van Sliedrecht naar Woudrichem. Hierdoor en door andere voorrechten, zoals het visrecht uit 1362 kwam de plaats tot bloei.

In deze tijd werd ook de Martinuskerk gebouwd en begon men met de bouw van de stadsmuur. Al in de 7e eeuw zou op de plaats van het huidige koor een kapel hebben gestaan.
In 1573 werd een groot deel van de stad  door de Geuzen in brand gestoken om de Spanjaarden te beletten de stad in te nemen. Van de kerk bleven alleen de muren overeind staan. Door geldgebrek werd de herbouw van de kerk uitgesteld. In 1621 kwam het werk klaar. De kerk was inmiddels een hervormde kerk geworden.

De katholieken blijven tot in de 19e eeuw verstoken van geregelde pastorale zorg. Ze worden bediend door de pastoor van Dussen.
Door toedoen van de families Machen en Heijligers en met steun van de pastoor van Dussen wordt in 1835 wordt gewerkt aan een eigen parochie Woudrichem. Op 1 juni 1836 beschikt Koning Willem I gunstig over de parochie Woudrichem en wordt toestemming gegeven voorlopig in het huis van mevrouw Machen de “godsdienstoefeningen” te houden.
In de gemeenteraadsvergadering van 29 juni 1836 maakt de burgemeester de oprichting van de parochie bekend.
Bernardinus Johannes van Miert wordt benoemd tot pastoor. Op 31 juli 1836 draagt hij de eerste mis op. De noodkerk voldoet niet en er worden plannen gemaakt m een nieuwe kerk te bouwen die toegewijd zal worden de Heilige aan Joannes Nepomucenus. De pastoor weet voldoende geld binnen te halen en in 1837 kan de bouw van de kerk worden aanbesteed. De kerk is een Waterstaatskerk, dat betekent dat de kerk is gebouwd met rijssubsidie en dat het ontwerp door het ministerie van Waterstaat goedgekeurd diende te worden.

De eerste steen voor de nieuwe kerk wordt gelegd op 20 maart 1838 en op 5 september van dat jaar wordt de kerk ingezegend.
Pastoor Van Miert vertrekt in 1840 uit de parochie en wordt opgevolgd door pastoor Petrus Arnodus de Bont. Die realiseert het kerkhof, dat op 10 mei 1841 wordt ingezegend.
In 1843 vertrekt pastoor De Bont. Zijn opvolger is pastoor Henricus Cornelis Wijten. In de 10 jaren die volgen gebeurt er niet veel in de parochie. In 1853 vertrekt pastoor Wijten en zijn opvolgers komen en gaan weer. In 1872 komt pastoor Franciscus Antonius Adrianus Ignatius Bijvoet.

Hij blijft 10 jaar in Woudrichem. Hij weet de betrokkenheid van de parochianen te vergroten en er komt een kapel bij de suikerfabriek in Werkendam (die in handen in handen is gekomen van drie katholieke directeuren. Pastoor Bijvoet krijgt assistentie om de zielzorg uit te oefenen.
In 1882 vertrekt pastoor Bijvoet uit Woudrichem. Opnieuw komen en gaan de pastoors. Met de komst van pastoor Johannes Adrianus van Lieshout is er weer sprake van verhoogde pastorale activiteiten, mede bepaald door de mobilisatie op 1 augustus 1914.
Tussen 1914 en 1918 zijn er tijdelijk veel katholieken in het land van Altena (veel soldaten zijn er gelegerd) en er kan op 4 plaatsen gekerkt worden, een ongekende luxe.
Pastoor Van Lieshout is inmiddels opgevolgd door pastoor Van den Eerden. Deze krijgt te maken met het vertrek van veel katholieken en de economische teruggang.
Pastoor Van den Eerden wordt opgevolgd door Pastoor Henricus Petrus van Riel en vanaf 1919 wordt overleg gevoerd met de paters minderbroeders Franciscanen.
Van 1925 tot 1978 is de parochie Woudrichem toevertrouwd aan de zorg van de Franciscaanse minderbroeders. Pater Monulphus Bruekers wordt de eerste franciscaanse pastoor. Voortvarend gaat hij aan de slag om de pastorie, het kerkhof en de vloer van de sacristie weer op orde te brengen.
Tien jaar is pater Buekers pastoor van Woudrichem. Hij overlijdt in 1935. Na hem komen verschillende franciscaner paters.
In 1939 dreigt opnieuw oorlogsgevaar en worden weer veel militairen in het land van Altena gelegerd. In de oorlogsjaren is pater Deodatus Vergeer pastoor van Woudrichem.  Na de oorlog wordt hij overgeplaatst en zijn opvolger, pater Moeskops, krijgt er ook de zorg voor de katholieken in het interneringskamp in fort Giessen bij.

Vanaf 1923 wordt er geen gebruik meer gemaakt van de kapel in Werkendam. Maar omdat de afstand van de Biesbos en Werkendam naar Woudrichem voor velen te ver is om de kerk in Woudrichem te bezoeken, besluit pater Moeskops weer te gaan vieren in Werkendam Eerst draagt hij de mis op in een schoollokaal, maar later ijvert hij voor een kerk. Hij krijgt toestemming van de bisschop en brengt met allerlei acties het benodigde geld bijeen om de kerk te kunnen bouwen. .

Op 14 augustus 1951 wordt de eerste steen gelegd en op 23 december wordt de nieuwe kerk, die toegewijd is aan de Heilige Antonius van Padua, plechtig ingezegend, waarbij de verwarming van het gebouw een punt van aandacht blijft.
De kerk blijft in gebruik tot 1986. De laatste jaren alleen incidenteel voor bijzondere gelegenheden. In 1989 is het kerkje gesloopt.

Met de ingebruikname van de Merwedebrug begin jaren zestig, komen er katholieke gezinnen van buitenaf in Sleeuwijk wonen, wat een flinke uitbreiding van de parochie betekent met de mogelijkheid voor nog een kerk. Pastoor Bazelaar koopt een stuk grond in Sleeuwijk en in 1964 wordt begonnen met de bouw.

De kerk wordt gebouwd door de Internationale Bouworde in Nijmegen en ook de parochianen verzetten veel werk.
Pastoor Bazelaar wordt overgeplaatst en pastoor Dings neemt het stokje over. Op 28 augustus 1964 wordt de kerk, die toegewijd is aan de Heilige Jozef,  ingezegend.
Begin jaren zestig moeten ook de kerk van Woudrichem en de pastorie grondig aangepakt worden.  In oktober 1966 gaat de kerk, vanwege de slechte staat van het dak voorlopig op slot en wordt er gevierd bij de zusters.
In augustus 1967 vertrekt pastoor Dings en komt pastoor Cas Groothuizen. In 1968 start de restauratie van de kerk, waarbij de liturgische ruimte wordt aangepast en de banken worden vervangen door stoelen.
Onder leiding van pastoor Groothuizen worden leken opgeleid  om allerlei taken zelfstandig op zich te kunnen nemen. Als pastoor Groothuizen wegens ziekte geruime tijd uit de roulatie is nemen deze  leken veel taken waar.
Pastoor Goothuizen is de laatste franciscaanse pastoor. Bij zijn vertrek komt pastoor Stoop, die ook pastoor is van de parochie Dussen.

Drie  kerken werd wat veel voor de parochie en zoals eerder vermeld, werd in de jaren tachtig van de vorige eeuw de kerk van Werkendam verkocht. Lange tijd kwamen de gelovigen voor vieringen samen in de kerk van Sleeuwijk, alleen op hoogtijdagen en feestdagen vierde men in de kerk in Woudrichem. Na de restauratie in 2012 vierde men 3 zondagen in de kerk in Sleeuwijk en de eerste zondag van de maand in Woudrichem.

Inmiddels was de parochie Woudrichem opgenomen in de Inter Parochiële Verenging (IPV) Dongemond. In januari 2012 fuseerde de 6 parochies van de IPV (Raamsdonk, Raamsdonksveer, Geertruidenberg, Hank Dussen en Woudrichem) tot de Sint Elisabethparochie.

In 2013 vertrok de koster uit de pastorie aan de Hoogstraat en werd deze verkocht.
Vanwege een teruglopend aantal kerkbezoekers, minder financiële bijdragen en minder pastorale beroepskrachten werd besloten om de kerk in Sleeuwijk af te stoten. Op 18 maar 2018 werd hier door bisschop Liesen de laatste mis opgedragen, waarna de deur voorgoed op slot ging.

Met het vertrek uit Sleeuwijk was koffiedrinken na de viering moeilijk te organiseren. De kerk van Woudrichem leent zich hier niet zo goed voor. Daarom is er een ruimte gehuurd in de Hoogstraat, die nu als ontmoetingsruimte /koffieruimte dienst doet. Voor deze ruimte werd door de parochianen een wandkleed gemaakt.

Informatie uit: 150 jaar parochie Woudrichem

De Johannes Nepomukkerk

De Johannes Nepomukkerk is de katholieke parochiekerk van Woudrichem. De kerk bevindt zich in de Woudrichemse vesting aan de Vissersdijk.
Nadat de Woudrichemse katholieken tot 1838 een noodkerk gebruikt hadden, kwam in 1838 de Waterstaatskerk in neoclassicistische stijl gereed, ontworpen door J. de Kroon. De eerste steen werd op 20 maart 1838 gelegd door J.P. Wilmer, de secretaris van vicariaat. Kenmerkend is de boognis boven de ingang, voorzien van dorische zuilen en het beeld van Joannes Nepumucenus. De Zaalkerk heeft op het dak een achtkantig klokkentorentje met een door zink afgedekt koepeltje.
In het interieur bevinden zich ionische zuilen en het geheel wordt met een tonggewelf overdekt. Er is een houten altaarretabel uit 1840 met een  altaatstuk uit 1839 van de hand van Jan Baptist van der Hulst. Het stelt de geboorte van Christus voor. Een gesneden eiken communiebank dateert van 1840.