De Doop


Als je een kindje hebt gekregen, heb je meestal samen naar de geboorte toegeleefd en nagedacht over een naam. Dan is er de ingrijpende ervaring van de geboorte en het kind krijgt een naam. Het is je kind en tegelijk veel meer: het is een eigen persoon. Als je erover nadenkt is het een wonder. Je neemt het kind onder je hoede. Je bent er dagelijks mee bezig. Jullie zorgende handen omgeven het. Het kind ervaart deze liefde om haar op zijn beurt straks ook weer door te geven.

Dopen, niet zomaar een beslissing.
In het verleden werd een kind vrijwel meteen na de geboorte gedoopt. Tegenwoordig kiezen ouders meestal voor een later tijdstip. Het is ook niet meer vanzelfsprekend dát ouders kun kind laten dopen. Een kind laten dopen is een eigen beslissing van de ouders geworden. In onze tijd vraagt die beslissing meer bezinning en overleg dan vroeger.

Om beter inzicht te krijgen in de betekenis van de doop voor jezelf en jullie kind, is er een gezamenlijke doopvoorbereiding voor ouders die hun kindje willen laten dopen. Deze bijeenkomst is bedoeld om even stil te staan bij de geboorte, het nieuwe leven, bij wat je je kind wilt meegeven en om samen te praten over de betekenis van de doop en de symboliek in de doopviering.


De r.k. kerk kent zeven sacramenten. In deze zeven sacramenten, zo gelooft de katholieke kerk, ontmoet de gelovige Christus zelf. Door de sacramenten raakt Hij mensen en verandert hen ten goede.  De sacramenten zijn te verdelen in drie groepen:

– drie sacramenten als een soort initiatie in het geloof: de doop, de eucharistie en het vormsel.
Als je gedoopt bent, ben je ‘ingelijfd’ in de kerk, hoor je erbij. Toch is het pas volledig te noemen als je ook deelneemt aan de eucharistie (als je je Eerste Heilige Communie hebt gedaan) en als je gevormd bent.
– de twee sacramenten die de levenskeuzes van mensen uitdrukken en hun verbondenheid met God en met elkaar: het huwelijk en de priesterwijding.
– twee sacramenten die mensen bijstaan op hun levenspad, ook in het verdriet en de moeite die ze meemaken: het sacrament van boete en verzoening (ook wel de ‘biecht’ genoemd) en het sacrament van de ziekenzalving.